Ouder/kind zwemmen dinsdag 23 oktober en vrijdag 26 oktober!
ALGEMENE BEPALINGEN  
Artikel 1
  1. Waar in dit reglement wordt gesproken over de vereniging, wordt daaronder verstaan de "GOUDSE REDDINGSBRIGADE", afgekort "GRB".  
  2. Waar in dit reglement wordt gesproken van het bestuur, wordt bedoeld het bestuur van de GRB.
 
ORGANISATIE
Artikel 2.
  1. De GRB is op landelijk niveau aangesloten bij Reddingsbrigades Nederland KNBRD.
  2. De GRB erkent Reddingsbrigades Nederland KNBRD als leidend en controlerend lichaam op het gebied van zwemmend en varend redden in Nederland, en onderschrijft haar doelstelling, statuten en huishoudelijk reglement.
 
TOETREDING
Artikel 4.
  1. Om toe te treden tot de GRB meldt de betrokkene zich aan middels een aanmeldformulier/inschrijvingsformulier. Dit formulier is beschikbaar in de zwembaden tijdens de cluburen en op de website
  2. Het formulier dient opgestuurd te worden naar het secretariaat. Het inschrijfgeld dient gestort te worden op rekening van de GRB
  3. Na ontvangst van het formulier en het inschrijfgeld wordt men op de wachtlijst geplaats
  4. Voor aanvang van de zwemlessen dient de contributie te worden voldaan. Het zwemgeld wordt achteraf aan het eind van de maand geïnd.
 
Artikel 5.
  1. Slechts aanmeldingen die aan de gestelde eisen voldoen, worden in behandeling genomen.
 
Artikel 6.
  1. De minimum leeftijd voor toetreding wordt door de algemene ledenvergadering nader vastgesteld.
  2. Het bestuur kan voorwaarden, zowel voor toelating als voor aansluiting van personen stellen.
  3. Als het lidmaatschap of junior-deelnemerschap van de GRB wordt aanvaard, houdt dit tevens het lidmaatschap van Reddingsbrigades Nederland KNBRD in.
  
EINDE VAN HET LIDMAAT EN JUNIOR-DEELNEMERSCHAP
 
SCHORSING / ONTZETTING
Artikel 7.  
  1. Beëindiging van het lidmaatschap en junior‑deelnemerschap kan alleen geschieden als in de Statuten vermeld en op de daarin voorgeschreven wijze.
  2. Het beëindigen van de zwemlessen op eigen verzoek kan op meerdere, door het bestuur vast te stellen momenten gedurende het verenigingsjaar. Deze vastgestelde momenten worden gecommuniceerd in het verenigingsorgaan. Bij opzegging is het zwemgeld verschuldigd tot het moment van beëindiging. Ook eventueel administratieve kosten en aangetekende kosten zullen in rekening gebracht worden. Zonodig worden deze eerst verrekend met het lesgeld .
  3. Zij, die binnen de gestelde termijn niet hebben voldaan aan hun geldelijke verplichtingen ten opzichte van de vereniging kunnen, na één maal schriftelijk door de penningmeester te zijn gemaand, en ten tweede door de secretaris aangetekend zijn gemaand door het bestuur worden geschorst c.q. ontzet uit het lidmaatschap of junior‑Niet geïncasseerde kosten worden overgedragen aan een door de vereniging aangewezen incassobureau om de kosten te kunnen innen.
 
Artikel 8.
  1. Een schorsing of ontzetting kan door het bestuur worden gemeld aan de aangesloten organisaties
  2. De melding van hetgeen in dit artikel is vermeld geschiedt schriftelijk. Deze opgave moet bevatten:
    1. de zo volledig mogelijke persoonsgegevens van betrokkene;
    2. de reden van schorsing, ontzetting of opzegging;
    3. de duur van de schorsing;
    4. bij wanbetaling het bedrag dat verschuldigd is;  
    5. de datum van ingang van de schorsing, ontzetting of opzegging;
    6. het verzoek om overname van de schorsing, ontzetting of opzegging door de aangesloten organisaties.
 
Artikel 9.  
  1. Onverminderd het bepaalde in de Statuten is het bestuur bevoegd leden, junior‑deelnemerschap, cursisten en begunstigers wegens overtreding van bepalingen van Statuten, huishoudelijk reglement en/of bestuursbesluiten, alsmede voor het opzettelijk doen van onjuiste opgaven en/of het opzettelijk verstrekken van onjuiste inlichtingen, voor een bepaalde tijd te schorsen of uit te sluiten van het deelnemen aan alle of bepaalde GRB
  2. De schorsing wordt aan betrokkene schriftelijk ter kennis gebracht. Afschrift van dit besluit zal worden gezonden aan de belanghebbende commissies.
  3. Einde van het lidmaatschap en junior‑deelnemerschap houdt tevens in het einde van het lidmaatschap van Reddingsbrigades Nederland KNBRD
  
GELDMIDDELEN
Artikel 10.
  1. De verschuldigde contributie en bijdragen welke in de Statuten worden vernoemd, worden op de jaarlijkse algemene ledenvergadering telkens voor het volgende verenigingsjaar vastgesteld.
 
Artikel 11.
  1. Leden en junior‑deelnemerschap die in de loop van het verenigingsjaar worden toegelaten betalen de volledige contributie voor het lopende jaar, alsmede het zwemgeld naar rato in termijnen. Nieuwe leden worden aangenomen in januari, april en oktober, of door het bestuur vast te stellen data.
 
Artikel 12.
  1. Elk nieuw lid, of junior‑deelnemerschap is inschrijfgeld verschuldigd, waarvan de hoogte van het bedrag door het bestuur wordt
 
 Artikel 13.
  1. Het bestuur kan voor de betaling van contributie, bijdragen en dergelijke nadere regels vaststellen omtrent tijdstip en wijze van betaling. Alle les en zwemgelden worden via automatische incasso geïnd.
     
BESTUUR
Artikel 14.
  1. Het bestuur wordt gevormd door tenminste: 3De taken van de bestuursleden worden in het bestuur, in onderling overleg verdeeld.
    1. een voorzitter;
    2. een secretaris;
    3. een penningmeester;
    4. en bestuursleden.
  2. Een bestuurslid kan, zo nodig, tijdelijk meer dan één functie in het bestuur waarnemen.
  3. Elk van de bestuursleden is, voor de onder zijn berusting zijnde bescheiden en bezittingen van de vereniging, aansprakelijk.
 
Artikel 15.
  1. De bestuursleden treden af volgens rooster, met dien verstande dat de voorzitter, secretaris en penningmeester niet tegelijk aftredend zijn.
 
Artikel 16.
  1. Men houdt op lid van het bestuur te zijn door:
    1. schriftelijk bij het bestuur te bedanken voor het bestuurslidmaatschap;
    2. volgens het rooster af te treden;
    3. ingevolge de bepalingen van de Statuten of huishoudelijk reglement van zijn functie ontheven te worden;
    4. beëindiging van het lidmaatschap van de vereniging;
    5. overlijden.
 
Artikel 17.
  1. Indien het bestuur in zijn geheel tussentijds aftreedt, blijft dit bestuur de lopende zaken behartigen, totdat op de eerstvolgende algemene ledenvergadering een nieuw bestuur is gekozen.
 
Artikel 18.
  1. Een bestuurslid dat de belangen van de vereniging verwaarloost, kan door een bestuursbesluit met tweederde van de uitgebrachte stemmen in de uitoefening van zijn functie worden beperkt en door de algemene ledenvergadering worden geschorst of ontslagen.
  2. Binnen acht dagen na het besluit tot schorsing of ontslag is de betrokkene verplicht de onder zijn beheer zijnde stukken en bezittingen van de vereniging aan een door het bestuur aan te wijzen persoon over te dragen.
  3. Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van de termijn.
 
Artikel 19.
  1. Het recht om kandidaten te stellen voor de te vervullen bestuursvacature is voorbehouden aan de leden, met dien verstande, dat het bestuur bevoegd is kandidaten voor te dragen.
  2. De kandidaatstelling door de leden kan geschieden tot aanvang van de algemene ledenvergadering.
  3. De kandidaatstelling door de leden moet worden ondersteund door tenminste tien stemgerechtigde leden.
  4. Een eventuele kandidaatstelling dient vergezeld te gaan met een schriftelijke verklaring van het betrokken lid, dat zich bereid verklaart de kandidatuur te aanvaarden.
  5. Het bestuur is bevoegd om voorkeur‑advies inzake de vervulling van de vacature uit te brengen.
  6. Indien nieuwe kandidaten vroegtijdig bekend zijn bij het bestuur, zullen deze met naam en toenaam in het officiële verenigingsblad worden vermeld.
 
Artikel 20.
  1. Wanneer in een bestuursvergadering minder dan de helft van het aantal bestuursleden aanwezig is, mogen er geen belangrijke besluiten worden genomen. In de agenda van de eerstvolgende bestuursvergadering dient dan vermeld te worden dat er belangrijke besluiten moeten worden genomen. Indien aan deze oproep onvoldoende gehoor wordt gegeven is het bestuur ondanks een minderheid, bevoegd alle besluiten te nemen waarvoor zij door de algemene ledenvergadering is benoemd.
 
Artikel 21.
  1. De voorzitter geeft leiding aan de activiteiten van het bestuur. Hij leidt de vergaderingen en stelt daarin de orde van de dag vast, tenzij de vergadering anders beslist. Hij heeft het recht de beraadslagingen te sluiten, wanneer hij meent dat de vergadering voldoende is ingelicht, doch is verplicht die weder te openen zodra één derde van het stemmental, dat op de vergadering kan worden uitgebracht, het verlangen daartoe kenbaar maakt.
  2. Een door het bestuur aan te wijzen bestuurslid neemt bij verhindering van de voorzitter diens functie waar.
 
Artikel 22.
  1. De Secretaris is belast met:
    1. het voeren der briefwisseling, waarvan kopie wordt gehouden;
    2. het ontwerpen van brieven, rapporten en verslagen;  
    3. het voorbereiden en uitschrijven van vergaderingen en bijeenkomsten, alsmede het in overleg met de voorzitter samenstellen van de agenda;  
    4. het samenstellen van het jaarverslag;
    5. het ordenen en het bijhouden van het archief;
    6. het verstrekken van advies aan de commissies van de GRB, alsmede het toezien op het bijhouden van dossiers van de ingekomen en uitgaande stukken door de commissies;
    7. het voeren van een doelmatige administratie van leden en junior‑deelnemerschap, alsmede het doorgeven van de mutaties aan de daarvoor in aanmerking komende instanties;
    8. het verrichten van andere werkzaamheden, die tot de taken van het secretariaat gerekend kunnen worden:
    1. Het bestuur kan taken van de secretaris aan een ander bestuurslid opdragen
    2. Het bestuur kan taken van de secretaris aan een ander lid opdragen onder eindverantwoording van het bestuur.
  2. Een door het bestuur aan te wijzen bestuurslid neemt bij verhindering van de secretaris diens werkzaamheden zoveel mogelijk over.
 
Artikel 23.
  1. Het bestuur kan bepalen dat bescheiden van belangrijke aard door de voorzitter tezamen met één der leden van het dagelijks bestuur worden ondertekend.
  2. Een door het bestuur aan te wijzen persoon houd de notulen bij.
  3. De notulen worden onmiddellijk na goedkeuring door de voorzitter en de secretaris ondertekend.
 
Artikel 24.
  1. De penningmeester is belast met:Een door het bestuur aan te wijzen bestuurslid neemt bij verhindering van de penningmeester diens werkzaamheden zoveel mogelijk over.
    1. het beheren van de geldmiddelen, eigendommen en bezittingen van de vereniging;
    2. hij draagt zorg voor inning van de aan de vereniging verschuldigde bedragen en voor het doen van uitgaven;
    3. hij beschikt over de girale geldmiddelen van de GRB, al of niet onder door het bestuur of de algemene ledenvergadering te stellen voorwaarden;
    4. hij houdt een inventarisatiestaat bij van eigendommen, alsmede van in bruikleen ontvangen zaken;
    5. hij zorgt voor een doelmatige boekhouding met betrekking tot de inkomsten en uitgaven van de vereniging en sluit jaarlijks de boekhouding per eenendertig december af;
    6. hij is verplicht aan het bestuur, de kascommissie als bedoeld in artikel elf van de Statuten, alle gewenste inlichtingen omtrent zijn beheer te verstrekken en desgevraagd aan de leden van het dagelijks bestuur en de kascommissie inzage van de boeken toe te staan;  
    7. hij legt schriftelijk verantwoording en rekening af aan het bestuur van het gevoerde beheer door middel van een rekening van baten en lasten en een balans;
    8. hij ontwerpt de begroting voor het volgende boekjaar en bewaakt de begroting voor het lopende boekjaar;
    9. de in de twee voorgaande alinea's vermelde stukken dienen op een zodanig tijdstip gereed te zijn, dat inzage door de leden voor de algemene ledenvergadering mogelijk is;
    10. hij belegt de gelden overeenkomstig het besluit van het bestuur;
  2. Een door het bestuur aan te wijzen bestuurslid neemt bij verhindering van de penningmeester diens werkzaamheden zoveel mogelijk over.
    1. a.Het bestuur kan taken van de penningmeester aan een ander bestuurslid opdragen.
    2. b.Het bestuur kan taken van de penningmeester aan een ander lid opdragen onder eindverantwoording van het bestuur
Artikel 25.
  1. De overige bestuursleden zijn behulpzaam bij bestuur werkzaamheden, zulks op een door het bestuur te bepalen wijze.
 
Artikel 26.
  1. Wanneer een bestuurslid, commissielid, of brigadefunctionaris aftreedt, is hij verplicht de onder zijn beheer zijnde stukken en bezittingen van de vereniging binnen 14 dagen aan een door het bestuur aan te wijzen persoon over te dragen.
 
Artikel 27.
  1. Tot de taken van het hele bestuur behoren:
    1. de algemene leiding in de vereniging en alle werkzaamheden, die daaruit voortvloeien, onder andere toezicht op de naleving van de Statuten, reglementen en besluiten;
    2. het uitvoeren van de besluiten van de algemene ledenvergadering;
    3. het uitbrengen van gevraagde en ongevraagde adviezen aan de daarvoor in aanmerking komende instanties en personen;
    4. het beoordelen van aan de vereniging gerichte verzoeken;  
    5. het benoemen en ontslaan van commissieleden, officials en functionarissen, voor zover niet aan de algemene ledenvergadering is voorbehouden;
    6. het aanstellen en ontslaan van personen al dan niet in bezoldigde taken.
  2. Het dagelijks bestuur draagt zorg voor:  
    1. een juiste afwikkeling van lopende zaken;  
    2. het nemen van beslissingen in zaken met een spoedeisend karakter, met dien verstande dat dergelijk beslissingen op de eerst volgende bestuursvergadering ter goedkeuring dienen te worden voorgelegd.
  3. Van de vergaderingen van het bestuur worden notulen gemaakt en gezonden aan alle bestuursleden.
  4. De leden van het bestuur hebben het recht de vergaderingen en bijeenkomsten van de commissies, met uitzondering van die van de kascommissie, bij te wonen en hebben daarin een adviserende stem.

 Artikel 28.

  1. Besluiten van het bestuur genomen op grond van de Statuten, het huishoudelijk reglement of andere reglementen, zijn bindend voor alle leden, juniordeelnemers, cursisten en begunstigers van de vereniging. Waar het GRB belang dit gewenst maakt, worden deze besluiten in het officiële verenigingsblad ter kennis gebracht.
 
VERGADERINGEN
Artikel 29.
  1. Teneinde de communicatie tussen het bestuur, de commissies en functionarissen te bevorderen, belegt het bestuur vergaderingen.
  2. Deze vergaderingen hebben een beleidsvoorbereidende, adviserende en opinie‑vormende taak. Het bestuur is bevoegd ook derden, niet behorende tot de in dit artikel genoemde geledingen uit te nodigen voor de vergaderingen en discussies.
 
Artikel 30.
  1. Een lid van de brigade wordt geacht op de algemene ledenvergadering van de vereniging tegenwoordig te zijn als hij de presentielijst heeft getekend.
 
Artikel 31.
  1. Tot het doen van voorstellen zijn bevoegd de leden en het bestuur van de vereniging.
  2. Een voorstel dat tenminste dertig dagen voor aanvang van de algemene ledenvergadering is binnengekomen, kan in de oproepingsbrief voor de vergadering worden vermeld.
 
Artikel 32.
  1. Indien het hem wenselijk voorkomt kan de voorzitter een maximum spreektijd vaststellen.
 
WIJZE VAN STEMMEN
Artikel 33.
  1. Zowel het bestuur als de leden hebben het recht staande de vergadering voorstellen tot wijziging of verbetering van de redactie op een voorstel in te dienen. Deze worden voor het voorstel in stemming gebracht en wel het eerst dat voorstel tot wijziging of verbetering van de redactie, dat volgens de mening van de voorzitter de verste strekking heeft, met in achtneming van artikel twintig van de Statuten.
 
COMMISSIES
Artikel 34.  
  1. Tot de instelling van een commissie kunnen zowel het bestuur als de algemene ledenvergadering besluiten.
  2. Leden van het bestuur en leden van de vereniging kunnen (adviserend) lid van een commissie worden tenzij in de Statuten of reglementen het tegendeel is vastgelegd. In bijzondere gevallen kan het bestuur personen, die geen lid van de vereniging zijn, tot lid van een commissie benoemen op grond van hun deskundigheid.
  3. In het algemeen zal een commissie bestaan uit een voorzitter, secretaris en zoveel leden als wenselijk wordt geacht.
  4. De leden van commissies treden terstond na hun benoeming in functie en treden af volgens de bepalingen in de Statuten en/of huishoudelijk reglement.
  5. Bij verhindering van de voorzitter en/of secretaris neemt één van de commissieleden zijn taak waar.
  6. De leden van de commissies van tijdelijke aard worden door het bestuur uitgenodigd daarin zitting te nemen en met hun instemming daarin benoemd.
  7. Het bestuur verstrekt aan leden van commissies van tijdelijke aard een schriftelijke opdracht.
  8. De leden van commissies zijn verplicht nauw samen te werken met het bestuur.
 
Artikel 35.
  1. Het lidmaatschap van een commissie eindigt door:  
    1. het niet meer voldoen aan de eisen voor het lidmaatschap van de commissie;  
    2. opheffing c.q. ontbinding van de commissie;  
    3. schriftelijk bedanken bij de secretaris van de vereniging;  
    4. beëindiging van de termijn waarvoor men gekozen of benoemd is;  
    5. overlijden
 
Artikel 36.
  1. In het algemeen zijn de commissies verantwoording verschuldigd aan het orgaan, waarvan zij de opdracht hebben ontvangen.
  2. Voor elke vergadering van een commissie wordt een oproep tot bijwonen van vergadering, de agenda, alsmede de notulen aan de portefeuillehouder gezonden.
 
Artikel 37.
  1. Tenzij uit dit reglement anders blijkt, mag briefwisseling van commissies met overheidsorganen en andere instellingen slechts worden gevoerd na uitdrukkelijke toestemming van het bestuur.
 
KASCOMMISSIE  
Artikel 38.
  1. Controle van het beheer vindt plaats:  
    1. zo dikwijls het bestuur of de commissie dit gewenst acht;  
    2. wanneer de penningmeester wenst af te treden of op grond van de bepalingen van de Statuten of uit reglement in de uitoefening van zijn functie wordt beperkt c.q. geschorst, ontzet of ontslagen;  
    3. bij alle wisselingen van het penningmeesterschap;  
    4. tenminste eenmaal per kalenderjaar uiterlijk zes weken voor de algemene ledenvergadering.
  2. Van de bij controle gedane bevindingen brengt zij verslag uit aan het bestuur, tenminste vier weken voor de jaarlijkse algemene ledenvergadering, teneinde de algemene ledenvergadering tijdig te informeren.
  3. De taak van de leden van de kascommissie eindigt op de algemene ledenvergadering.
  4. Indien nodig kan het verslag van de kascommissie ter vergadering mondeling worden toegelicht.
 
MEDISCHE ZAKEN
Artikel 39.
  1. Het bestuur kan daar waar nodig is, gevraagd of ongevraagd het advies inwinnen van een arts over medische zaken.
 
TECHNISCHE COMMISSIE  
Artikel 40.
  1. De technische aangelegenheden worden onder verantwoordelijkheid van de voorzitter behandeld.
  2. De technische commissie wordt gevormd door een voorzitter/secretaris en één of meer leden, onder wie afvaardiging van de zwembaden.
  3. Voorzitter/secretaris, leider(s worden voorgedragen door de Technische Commissie en door het Bestuur tot wederopzegging benoemd.
  4. De samenstelling van de Technische Commissie, evenals de taakinhoud en de taakverdeling, zal worden vastgelegd in het handboek van de GRB.
  5. Het handboek zal jaarlijks, of zoveel vaker als noodzakelijk, worden geactualiseerd.
 
Artikel 41.
  1. Onder technische aangelegenheden wordt verstaan:
    1. het bestuur en andere GRB instanties al of niet op verzoek adviseren in technische zaken;
    2. het aan het bestuur voordragen ter benoeming c.q. ontslag van technische functionarissen (kaderleden, instructeurs);
    3. het bevorderen van een goede communicatie met en tussen kader, werkzaam op technisch gebied;
    4. het opstellen van een jaarplanning, waarbij rekening moet worden gehouden met de bestuurlijke jaarplanning;
    5. de indeling van de oefen uren en het technisch kader;
    6. het ontwerpen en uitvoeren van een oefenschema;
    7. het handhaven van een goede gang van zaken tijdens cursussen, oefen bijeenkomsten en andere evenementen;
    8. het indienen van voorstellen omtrent leden, die na hun geschiktheid te hebben bewezen, voor het volgen van specifieke opleidingen;
    9. het toezicht op het onderhoud van materiaal en materieel, voor zover dit niet aan andere personen is opgedragen;
    10. het uitbrengen van een jaarverslag, w.o. een chronologische overzicht van de hulpverlening;
    11. het rapporteren aan het bestuur;
    12. het regelen en leiden van examens via de portefeuillehouder, voor zover deze onder supervisie en verantwoordelijkheid van het bestuur van de vereniging plaatsvinden;
    13. het indienen van voorstellen met betrekking tot bijzondere activiteiten voor het komende jaar en de daarbij behorende begrotingen bij het bestuur en wel dertig dagen voor de jaarlijkse algemene ledenvergadering;  
    14. het uitvoeren van of doen uitvoeren van de door het bestuur verstrekte opdrachten;
    15. het bijhouden van een chronologisch overzicht van technische aangelegenheden;
    16. het bijhouden van een dossier van ingekomen en uitgaande stukken betreffende technische aangelegenheden, waarvan de afwerking aan de technische commissie is opgedragen;
    17. het doen van voorstellen aan het bestuur voor het opstellen van een voordracht tot benoeming of ontslag van officials;
    18. het maken van een lesrooster voor opleidings‑ en vervolgcursussen; 
  2. De technische commissie kan door haar te bepalen zaken delegeren aan de voorzitter/secretaris van deze commissie en/of de technische leider(s).  
 
Artikel 42.
  1. De technische commissie roept tenminste 10 maal per jaar de commissieleden bijeen ter bespreking van:
    1. de voortgang van technische zaken in het lopende jaar
    2. voorstellen tot wijziging van technische aangelegenheden;
    3. het opstellen van een voordracht voor benoeming tot official;  
    4. het opstellen van een voordracht voor het volgen van specifieke opleidingen;
    5. andere onderwerpen van technische aard als voorgesteld door de technische commissie.
 
Artikel 43.
  1. Het behoort tot de taak van de TC een alfabetisch gerangschikt systeem bij te houden van de leden, junior‑deelnemerschap en cursisten. In dit systeem wordt opgenomen:
    1. het bezit van diploma's/brevetten op het gebied van zwemmen, zwemmend‑ en varend redden, EHBO en/of andere hulpverleningsvormen.
    2. de bij de brigade of bij andere instanties gevolgde opleidingen op het gebied van hulpverlening;
    3. gegevens welke nodig worden geacht om te voldoen aan de bepalingen van de Statuten, het huishoudelijk reglement of andere reglementen;
    4. wijzigingen van de in het systeem opgenomen gegevens, waar nodig wordt ook het bestuur in kennis gesteld van de aangebrachte c.q. aan te brengen wijzigingen.
  2. De TC doet schriftelijk voorstellen tot invoering en/of wijziging van bestaande formulieren, na voorafgaand overleg met de afgevaardigden, aan het bestuur en behoeft goedkeuring van het bestuur voor de invoering c.q. wijziging/opheffing.
 
Artikel 44.  
 
  1. De voorzitter TC leidt de bijeenkomsten als bedoeld in artikel 42 van dit reglement. Hij ziet toe op de naleving van de onder hem ressorterende aangelegenheden en/of verkregen opdrachten en de uitvoering van de taken van de commissieleden.
  2. Bij langdurige ontstentenis van de voorzitter TC benoemt het bestuur van de GRB een tijdelijke voorzitter TC, die de taak van de voorzitter TC gedurende de periode van de ontstentenis overneemt.
 
ONDERSCHEIDINGEN
Artikel 45.
  1. Leden van de brigade kunnen bij het bestuur voorstellen indienen met betrekking tot het benoemen tot lid van verdienste c.q. erelid.
 
OVERIGE BEPALINGEN
Artikel 46.
  1. Van elke hulpverlening aan derden dient schriftelijk aan het bestuur te worden gerapporteerd.
 
BEKWAAMHEID
Artikel 47.
  1. De bekwaamheid in het zwemmend en varend redden kan worden getoetst aan de hand van een examen waarvan de nadere regeling kan zijn vastgelegd in een Opleiding en Examenreglement (OER) en Wedstrijdreglement (WR), beide vastgesteld door Reddingsbrigades Nederland KNBRD, deze dienen te voldoen aan de eisen van de organisaties, die op dat gebied werkzaam zijn.
  2. De bekwaamheid in het zwemmen en EHBO kan worden getoetst aan de hand van een examen waarvan de nadere regeling kan zijn vastgelegd door een externe partij.
  3. De GRB heeft verder het recht eisen voor aanvullende examens vast te stellen en hiervoor brevetten en diploma's uit te geven.
 
WEDSTRIJDEN
Artikel 48.
  1. Wedstrijden, prestatietochten en andere krachtmetingen worden zoveel mogelijk onder de bepalingen gehouden van het Wedstrijdreglement (WR) van Reddingsbrigades Nederland KNBRD.
 
KOSTENVERGOEDING
Artikel 49.
  1. Aan een ieder door het bestuur aangewezen personen, kan volgens de door het bestuur vastgestelde regels de door hen gemaakte correspondentie‑, telefoon‑, reis‑ en verblijfkosten, welke in het belang van de brigade zijn gemaakt worden vergoed.
  2. In bijzondere gevallen kan door het bestuur het reizen op een andere wijze dan de goedkoopste, worden toegestaan.
  3. De declaraties dienen bij de penningmeester te worden ingediend.
  4. Indien de penningmeester niet akkoord gaat met de ingediende declaratie, stelt hij hiervan betrokkene zo spoedig mogelijk kennis. Als de betrokkene en de penningmeester niet tot overeenstemming komen, beslist het bestuur.
 
SLOTBEPALINGEN
Artikel 50.  
  1. Het bestuur bepaalt het bedrag, waartegen reglementen van de GRB zijn te verkrijgen. Het bestuur is bevoegd Statuten en huishoudelijk reglement van de brigade aan anderen dan leden te verstrekken al of niet tegen een door het bestuur vast te stellen bedrag.
 
Artikel 51.
  1. Geen der aangeslotenen (in de zin van artikel vier van de Statuten) leden kunnen zich beroepen op het onbekend zijn met het bepaalde in de Statuten, het huishoudelijk reglement en/of andere reglementen der vereniging.
 
Artikel 52.
  1. Wijzigingen in het huishoudelijk reglement kunnen slechts worden aangebracht door de algemene ledenvergadering met een meerderheid van tenminste tweederde van het aantal uitgebrachte geldige stemmen.
  2. Deze wijzigingen treden inwerking op de dag, waarop deze aan de leden zijn bekend gemaakt, tenzij de algemene ledenvergadering bepaalt, dat de wijzigingen onmiddellijk of op een nader te bepalen datum in werking treden.
 
Artikel 53.
  1. Dit reglement is vastgesteld in een algemene ledenvergadering van de GRB, gehouden te GOUDA op eenentwintig oktober tweeduizend negen en treedt in de plaats van het huishoudelijk reglement dat laatstelijk is vastgesteld en goedgekeurd in de algemene ledenvergadering van zeventien september negentienhonderd en zesennegentig.
 
Samenstelling van het bestuur tijdens wijziging:
 
Voorzitter                                          M. van Ditmarsch
Secretaris                                          A.K.M. Mooijenkind
Penningmeester                                 G.J.M. Bervoets
2e Secretaris                                      P.J.A.M. van Heel
Commissaris                                      M.J. Kerkof
Commissaris                                      P. Revet
 

Sponsors

In/uitloggen

Lidmaatschap en Lesgeld

Het bestuur wil u er graag nogmaals op wijzen dat u in 2018 de mogelijkheid heeft de zwemles 3 keer per jaar op te zeggen, dat betekent dat men kan opzeggen;

  • voor 1 maart, de zwemles stopt per 1 april
  • voor 1 juli, de zwemles stopt per 1 september
  • voor 1 december, de zwemles stopt per 1 januari 

Wanneer u niet tijdig opzegt, dient u het zwemgeld tot de volgende opzegdatum te betalen.
binnen 4 weken bericht krijgt van uitschrijving en men anders contact op moet nemen met het secretariaat

--------------------

Het lidmaatschap, van de GRB, moet u opzeggen voor 1 december van het lopende jaar.